Niet te moduleren typemodules

De volNRT-VAPHgende typemodules worden door de voorzieningen niet gemoduleerd, maar worden gebruikt door de intersectorale toegangspoort om budgetten toe te wijzen of aanvragen tot tegemoetkoming te regelen.

 

 

  • Persoonlijk assistentiebudget

    Via de typemodule Persoonlijke assistentie voor minderjarigen met een handicap kan een persoonlijk assistentiebudget worden aangevraagd.

  • Individuele Materiële Bijstand

    De typemodule Individuele materiële bijstand zorgt voor een aanvraagmogelijkheid voor een tegemoetkoming in de aankoop van hulpmiddelen en aanpassingen ter ondersteuning van het sociaal functioneren van de minderjarige met een handicap.

    Voor bijkomende informatie rond deze typemodule ‘individuele materiële bijstand’ zie de website van www.vaph.be onder ‘Hulpmiddelen’. Zie ook de afzonderlijke website: www.hulpmiddeleninfo.be.

    Bij de vraag naar een tegemoetkoming voor hulpmiddelen en aanpassingen, moeten personen een beroep doen op een IMB-MDT. Deze motiveert naast de ondersteuningsbehoefte, ook de noodzaak van het hulpmiddel, de meerkost, de gebruiksfrequentie, de doelmatigheid en doeltreffendheid.

  • Doventolken

    De typemodule Doventolken zorgt voor een aanvraag voor de ondersteuning door een tolk Vlaamse Gebarentaal in de levenssfeer voor een minderjarige met een auditieve handicap (niet binnen het onderwijs).

  • De typemodule Verplaatsings- en verblijfskosten in het gewoon onderwijs zorgt voor een aanvraag voor tussenkomst in de verblijfs- en verplaatsingskosten die gemaakt worden voor het volgen van gewoon onderwijs door een minderjarige met een handicap.

We geven hieronder gedetailleerde info over het PAB (minderjarigen)

  • Een PAB is een budget dat het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH) geeft om assistentie thuis en op school te organiseren en te financieren. Vandaar dat de ontvanger (of uw wettelijke vertegenwoordiger) in dat geval budgethouder genoemd wordt. Met het PAB werft men assistenten aan. De budgethouder wordt dus werkgever.

    Het PAB schommelt tussen 9.643,38 en 45.002,46 euro op jaarbasis. Dit zijn de bedragen voor 2015. Deze bedragen worden 1 keer per jaar aan de index aangepast.

    Een minderjarige met een handicap kan een PAB aanvragen bij de intersectorale toegangspoort (ITP) van Jongerenwelzijn. Deze aanvraag moet via een erkend multidisciplinair team (MDT) gaan. Dit MDT maakt een inschalingsverslag op  en dient het via een aanvraag-document (A-doc) in bij de ITP. Het MDT wordt de ‘contactpersoon-aanmelder’ genoemd. Zij melden de minderjarige immers aan bij de ITP en zullen bij de verdere behandeling van het dossier als contactpersoon optreden. De contactgegevens van de MDT’s kan men terugvinden op deze website, op de website van het www.vaph.be of via www.jongerenwelzijn.be.

    Een commissie van deskundigen van de ITP oordeelt over de aanvraag en beslist of een minderjarige al dan niet in aanmerking komt voor een PAB. Deze commissie bepaalt de hoogte van het budget. Ze houdt hierbij rekening met de noden en behoeften. Die zijn onder meer afhankelijk van de aard en de ernst van de handicap, en van de leefsituatie.

  • De budgethouder kan het PAB uiteraard niet zomaar uitgeven. Het geld is bedoeld om de hulp van een of meerdere persoonlijke assistenten te betalen. De persoonlijke assistent is feitelijk in dienst van de persoon met een handicap. De budgethouder is zijn of haar werkgever en betaalt de assistent voor zijn of haar diensten. De assistent voert allerlei taken uit en helpt bij de organisatie van uw dagelijks leven.

    De assistenten kunnen hulp bieden in de volgende domeinen:

    • huishoudelijke taken (koken, opruimen, enz.)
    • lichamelijke taken (wassen en aankleden, eten, enz.)
    • verplaatsingen (boodschappen of andere verplaatsingen, enz.)
    • dagactiviteiten (uitstappen, enz.)
    • agogische, pedagogische of orthopedagogische begeleiding of ondersteuning van de persoon met een handicap en zijn of haar ouders (aanvaarding van en omgang met de handicap, zelfredzaamheid, assertiviteit, opbouw van een sociaal netwerk, toekomstplanning, enz.).

    De hulp kan zowel van praktische, inhoudelijke als organisatorische aard zijn. Helpt de assistent op school of op het werk, dan mag de hulp enkel praktisch of organisatorisch zijn.

    Met uw PAB kunt u ook  het volgende betalen:

    • de onkosten van vrijwillige assistenten
    • de door het VAPH niet-terugbetaalde uren van tolken Vlaamse Gebarentaal of schrijftolken.

    Bovendien kunt u ook indirecte (personeels)kosten betalen, zoals bijvoorbeeld het bioscoopticket van uw persoonlijke assistent wanneer hij of zij u vergezelt naar de bioscoop. Maar die kosten mogen niet meer dan 5 % van uw jaarbudget uitmaken.

    Voor meer informatie, raadpleeg links op deze pagina de ‘Richtlijnen aan de budgethouders’.

  • Het Persoonlijke-assistentiebudget stelt minderjarigen met een handicap in staat om heel uiteenlopende vormen van ondersteuning te financieren. Toch zijn er beperkingen. Met het PAB kan men de volgende zaken niet betalen:

    • Hulpmiddelen of aanpassingen aan de woning of de auto
      Ga voor informatie naar Hulpmiddelen of Woningaanpassingen.
    • De tussenkomst van een tolk voor doven of slechthorenden -tolken Vlaamse gebarentaal of schrijftolken-, voor de uren waarvoor u van het VAPH een goedkeuring kreeg. Ook niet de vervoerskosten van een tolk.
      Ga voor informatie naar Tolken voor doven en slechthorenden.
    • Medische of paramedische therapieën, onderzoeken en behandelingen die onder de bevoegdheid van het RIZIV vallen.
    • Inhoudelijke assistentie op school of op het werk
      Daarvoor staat het geïntegreerd onderwijs (GON) in of dienen de loonsubsidies.
      Ga voor informatie naar Geïntegreerd onderwijs of raadpleeg de website van de VDAB.
    • Budgetbegeleiding
      Ga voor informatie naar Hulp bij het organiseren van uw PAB.
    • Assistentie in het ziekenhuis, revalidatiecentrum of rust- en verzorgingstehuis
    • Psychologische begeleiding

  • Hulp bij het organiseren van uw PAB

    Persoonlijke assistenten zijn feitelijk in dienst van de persoon met een handicap. Er is dus sprake van een relatie van werkgever tot werknemer. Dat betekent dat de budgethouder, als werkgever, heel wat formaliteiten moet vervullen. Wie kan daarbij helpen?

    Sociaal secretariaat

    De meeste PAB-houders doen een beroep op een sociaal secretariaat voor hun loonadministratie.

    Budgethoudersverenigingen

    De zogenaamde budgethoudersverenigingen kunnen de PAB-budgethouder deskundig advies verlenen over de verplichtingen en activiteiten als werkgever (aanwerving van assistenten, richtlijnen van het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH), overeenkomsten, reglementering interimarbeid,…). Dergelijke organisaties zijn immers voor het grootste deel samengesteld uit PAB-budgethouders. Zij zijn dus prima geplaatst om te helpen bij de administratieve taken.

    Zorgconsulenten

    Verder zijn er ook nog de zorgconsulenten. Die helpen bij de opmaak van het zogenaamd assistentieplan (welke hulp bij welke activiteiten en de planning hiervan). Ze zien ook toe op de uitvoering van het plan en sturen bij indien nodig.

    Uiteraard is men niet verplicht de hulp van de bovenvermelde instanties in te roepen. Men heeft het recht het PAB-budget volledig zelfstandig te beheren.

  • Waarmee kunt u het PAB combineren ?

    Soms volstaat een PAB niet om in al uw zorg- en ondersteuningsbehoeften te voorzien. Het PAB vormt dan een aanvulling op een andere vorm van dienstverlening. Men kan het PAB combineren met:

    • een door het VAPH erkend dagcentrum of een door de federale, communautaire of regionale overheid erkende soortgelijke voorziening
    • een door het VAPH erkend semi-internaat of een door de federale, communautaire of regionale overheid erkende soortgelijke voorziening.

    Let op!Hou er rekening mee dat het bedrag van het PAB lager kan uitvallen in het geval van gebruik van één van bovenstaande opvangmogelijkheden. De achterliggende redenering is dat de nood aan assistentie in de thuissituatie omgekeerd evenredig is met uw verblijf in een voorziening.

    U kunt het PAB ook combineren met:

    • een verblijf in een door het VAPH erkende voorziening voor kortverblijf
    • een verblijf in een door het VAPH erkende voorziening met logeeraanbod
    • een verblijf in een door het VAPH erkende voorziening, in een noodsituatie
    • individuele materiële bijstand (hulpmiddelen, zoals bijvoorbeeld een lifter of een leesloep).

  • Sneller een PAB krijgen?

    Personen met snel degeneratieve aandoeningen hebben, gezien de evolutie van hun ziekte, sneller bijstand nodig. Daarom kunnen zij via een spoedprocedure onmiddellijk een PAB toegekend krijgen.

    Komt u in aanmerking voor de spoedprocedure?

    Men kan een PAB toegekend krijgen via de spoedprocedure wanneer er sprake is van een snel degeneratieve aandoening. Hieronder wordt het volgende verstaan:

    Voor kinderen en jongeren (van 6 tot 20 jaar):

    • een evolutieve neuromusculaire aandoening
    • een stofwisselingsziekte (metabole stoornis) met een ernstige en evolutieve weerslag op het algemeen functioneren.

    Bovendien moet over een periode van één jaar of minder, net voor de aanvraag, de zelfredzaamheid sterk verminderd zijn. Voor kinderen en jongeren wordt rekening gehouden met de verworven zelfstandigheid op de leeftijd van zes jaar.

    Wat moet men doen?

    Men moet een medisch attest door een neuroloog of geneesheer-specialist in de kindergeneeskunde laten invullen, als bewijs van de snel degeneratieve aandoening en de verminderde zelfredzaamheid.

    Men kunt het attest downloaden op de website van het VAPH. Klik hier: ‘Formulieren‘.

    Men bezorgt het attest, samen met het PAB-aanvraagformulier, aan de provinciale afdeling van de Intersectorale Toegangspoort voor kinderen en jongeren van 6 jaar t.e.m. 17 jaar. De contactgegevens staan op het attestformulier.

    Men hoeft geen multidisciplinair verslag te laten opstellen.

  • Een overeenkomst afsluiten

    Kent de intersectorale toegangspoort ‘(ITP) een PAB toe, dan moet men binnen de drie maanden na de datum van de toekenning een of meerdere persoonlijke assistenten in dienst nemen. Hiervoor sluit men met hen een overeenkomst af.

    Men bepaalt zelf wie men als assistent aanwerft, hoeveel assistenten worden aangeworven en aan welk loon. De budgethouder moet er echter wel voor zorgen dat de assistent(en) meerderjarig is/zijn (+18 jaar), dat een schriftelijke overeenkomst werd afgesloten met de assistent(en) en dat de arbeidsreglementering wordt gerespecteerd.

    Mogelijke overeenkomsten

    Volgende overeenkomsten zijn mogelijk voor de aanwerving van assistenten:

    • een arbeidsovereenkomst met een of meerdere persoonlijke assistenten
    • een overeenkomst met een uitzendkantoor
    • een overeenkomst met een zelfstandig dienstverlener
    • een aannemingsovereenkomst met een organisatie of voorziening die persoonlijke assistenten in loonverband ter beschikking stelt van de budgethouder, voor assistentie buiten de organisatie of voorziening
    • een overeenkomst met een VAPH-voorziening die kortverblijf of logeerfunctie aanbiedt
    • een overeenkomst met een PWA-kantoor (PWA-cheques)
    • een overeenkomst met een dienstenchequebedrijf (dienstencheques)
    • een overeenkomst met een vrijwilligersorganisatie.

    Krijgt men het geld zomaar?

    Een PAB dient om assistentie te organiseren en te betalen. Men moet dan ook de uitgave kunnen bewijzen. Het VAPH betaalt om te starten een eenmalig werkkapitaal uit. Dat komt neer op 5/12de van het jaarbudget. Met dat werkkapitaal kan men de assistentie opstarten.

    Het werkkapitaal wordt verder aangevuld op het moment dat men correct bewezen onkosten indient bij het VAPH. Men kan tot 6 keer per jaar een onkostenstaat indienen. Het VAPH ziet erop toe dat de gemaakte kosten niet boven het jaarbudget gaan.

    Wat als men meer geld verbruikte?

    Een PAB is een persoonlijk budget, volledig op maat van de minderjarige gesneden. Men moet er dan ook voor zorgen dat dat budget volstaat voor de betaling van de nodige assistentie. Geeft men echter meer uit dan het toegekende budget, dan is dat voor eigen rekening.

    Wanneer de nood aan hulp toeneemt, kan men een herziening aanvragen. Dit doet men schriftelijk door, via het MDT, een gemotiveerde herzieningsaanvraag op te sturen (de opmaak van een hernieuwd inschalingsverslag).


Bron: www.vaph.be

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vul de CAPTCHA code in. * Time limit is exhausted. Please reload CAPTCHA.